Content :
Adderbeten in België
Wat mag men wel en niet doen na een adderbeet?
Leg nooit een knelverband aan !
Indien iemand gebeten wordt door een adder
Blijf vooral kalm. U heeft voldoende tijd om het slachtoffer naar het ziekenhuis te brengen. Meestal geven adderbeten enkel lokale symptomen. Algemene vergiftigingsverschijnselen komen in minder dan de helft van de gevallen voor.
De eerste hulp ter plaatse
Ontsmet de wonde (eerst wassen met water en zeep, nadien een ontsmettingsmiddel gebruiken).
Verbind het aangetaste lichaamsdeel met een rekverband (niet te spannend en bij ledematen bovenaan beginnen).
Laat de patiënt, en vooral het aangetaste lidmaat, niet bewegen.
Leg het slachtofer in zijdelingse veiligheidshouding.
Organiseer de overbrenging naar het ziekenhuis.
Wat men vooral niet moet doen!
- De beet uitzuigen, branden of een knelverband aanleggen kan leiden tot verwikkelingen.
- Het nut van een uitzuigpomp (Aspivenin® ) is tot op heden niet aangetoond.
In het ziekenhuis
De behandeling zal eerst en vooral symptomatisch zijn: pijnstillers (geen aspirine !), vaccinatie en/of immunisatie tegen tetanos, antibiotica en observatie gedurende minstens 6 uur.
Een specifiek antiserum zal toegediend worden als er tekens optreden van vergiftiging: uitgebreide zwelling, braken, buikpijn, diarree en daling van de bloeddruk.
Adderbeten in België
De gewone adder (Vipera berus) is de enige giftige slang die in België voorkomt. Zij wordt vaak verward met de twee andere inheemse slangensoorten : de ringslang (Natrix natrix) en de gladde slang (Coronella austriaca).
Adderbeten komen niet vaak voor in ons land. De gewone adder komt alleen voor in het bekken van de bovenloop van de Maas en in de Antwerpse Kempen. Bovendien vermijdt dit schuwe dier de menselijke aanwezigheid.
Gedurende de laatste jaren werd in België geen enkel overlijden door adderbeten gerapporteerd.